‘Dat snap je toch wel?’

9 oktober, 2020

Als hoogbegaafde kinderen nare dingen meemaken, kunnen ze zich daarin nog meer alleen voelen dan andere kinderen. Ook krijgen deze kinderen soms al op jonge leeftijd te maken met emotionele problemen die je meestal pas in de puberleeftijd ziet, zoals depressieve gedachten, zelfbeschadiging of eetstoornissen.

Vanwege hun cognitieve vermogens worden hoogbegaafde kinderen nog weleens overschat in hun emotionele vaardigheden. Maar ‘kunnen’ is iets anders dan ‘aankunnen’ en snappen iets anders dan verwerken. In gesprekken over hun onveilige thuissituatie is het dus goed om rekening te houden met een aantal kenmerken die veel voorkomen bij hoogbegaafde kinderen:

  • Neem angst voor falen serieus, zonder mee te gaan in perfectionisme. Als een kind bijvoorbeeld zegt dat hij zijn huis niet kan tekenen, vraag daar dan eens op door. Leg uit dat het niet gaat om een zo realistisch mogelijke tekening, maar om te laten zien met wie je in een huis woont. Dat mag een kind misschien ook wel opschrijven in plaats van tekenen. Leg ook uit dat je niet op zoek bent naar ‘het juiste antwoord’, maar dat je oprecht benieuwd bent hoe het kind tegen zijn situatie aankijkt.
  • Normaliseer en relativeer. Als je (doordat je meer snapt en oppikt) bijvoorbeeld eerder gevaar ziet, maar nog de levenservaring mist om dat gevaar te relativeren, kan dat angstig zijn. Normaliseer gevoelens die het kind heeft en help het kind om doemgedachten of onrealistische angsten te relativeren: Het is niet gek dat je soms de moed verliest. Maar weet je nog hoe je er 3 maanden geleden bij zat? Dan zie ik toch duidelijk vooruitgang!
  • Hou rekening met het sterke rechtvaardigheidsgevoel dat veel hoogbegaafde kinderen hebben. Het is voor deze kinderen heel moeilijk te verdragen dat de wereld niet altijd eerlijk in elkaar zit. Dat kan zorgen voor flinke discussies. Help het kind begrijpen waarom dingen soms niet eerlijk (op te lossen) zijn: Het is inderdaad niet eerlijk dat jij nu uit huis moet, terwijl je stiefvader het probleem is. En toch kan het niet anders: we kunnen volwassenen niet dwingen om ergens anders te gaan wonen. We kunnen wél zorgen dat jij op een veilige plek kunt wonen.
  • Zoek manieren om emoties te uiten. Hoogbegaafdheid komt vaak voor in combinatie met hoogsensitiviteit. Deze kinderen zijn dus vaak gevoeliger voor prikkels en pikken emoties van anderen op. Dat kan overweldigend zijn. Stimuleer het kind om zich op zijn eigen manier te uiten. Sommige kinderen kunnen dat al jong door het maken van gedichten of muziek. 
  • Vat kritiek niet te snel persoonlijk op. Hoogbegaafde kinderen zijn vaak kritisch ingesteld, zowel naar zichzelf als naar anderen. Dat kan brutaal of betweterig overkomen. Op inhoud hebben ze echter vaak wel degelijk een punt. Neem daarom de inhoud van de boodschap serieus en vat ‘m op als uitnodiging om eens hardop te reflecteren 😉

Meer lezen over kinderen met uiteenlopende achtergronden en kenmerken? Lees dan ook het Praktijkboek praten met kinderen over kindermishandeling. In hoofdstuk 12: ‘Ieder kind is anders’ vind je nog veel meer voorbeelden en tips. Heb je aanvullende tips? Ik lees ze graag hieronder!

Delen:

2 gedachten over “‘Dat snap je toch wel?’”

  1. Hoi,
    mooie tips. Ik dacht er bij: sommige dingen die hierboven genoemd zijn, kun je ook met het kind zelf bespreken, als een vorm van psychoeducatie voor het kind.
    Hgr, Ria

    Beantwoorden

Plaats een reactie