Serieus?!

Een tijdje geleden legde kindercorrespondent Tako Rietveld kort maar krachtig uit waarom we naar kinderen moeten luisteren: ‘omdat ze onderdeel zijn van de samenleving’. Hij maakte de vergelijking met andere groepen, waarbij we ons die vraag toch ook niet stellen, zoals vrouwen of moslims.

Wij gaan weer (half) naar school!

De scholen zijn weer open. De meeste kinderen gaan weer, voltijds danwel in deeltijd, naar school. Dat is voor de meeste kinderen heel fijn en ook in gezinnen die het moeilijk hebben kan dit veel lucht geven ten opzichte van de weken hiervoor.

Ouders steunen bij onveiligheid: grijp je kans!

Net als kinderen in onveilige thuissituaties, verdienen ook hun ouders steun in deze extra lastige periode. Maar net als kinderen, vertellen ouders lang niet altijd uit zichzelf hoe het echt met ze gaat. Schaamte, schuldgevoelens en de angst voor eventuele gevolgen (‘wat als mijn kinderen uit huis worden gehaald?’) belemmeren ouders om open te zijn over (de mate van) geweld en verwaarlozing in hun gezin.

Hoe praat je op afstand met kinderen over thuis?

Momenteel is er veel aandacht voor hulp aan kinderen die thuis te maken hebben met geweld of verwaarlozing. Door professionals wordt volop gezocht naar manieren om, ondanks de beperkingen van de coronamaatregelen, gezinnen bij te staan die het moeilijk hebben.

In steeds meer gemeenten worden mogelijkheden gecreëerd om ook deze kinderen overdag buitenshuis op te vangen. Dat kan kinderen en ouders de benodigde ademruimte geven. Tegelijkertijd schept het een kans om face to face met kinderen te praten over hoe thuis gaat in deze extra lastige tijd.

Wat als het op school veiliger is dan thuis?

Door corona zitten veel kinderen en gezinnen in deze periode vooral thuis. Net als tijdens schoolvakanties betekent dit voor sommige kinderen dat de stress toeneemt. Plekken waar het wél veilig is en waar kinderen vaak juist even op adem kunnen komen, zoals school, bso, de sportvereniging, thuis bij vriendjes of bij opa en oma, vallen op dit moment weg.

‘Soms moet je toch ook gewoon een grens stellen?’

Spullen vernielen, schreeuwen, slaan en schoppen, stoelen door de kamer gooien, brutaal reageren… Kinderen die opgroeien in onveiligheid, vertonen vaker en heviger ‘lastig gedrag’ dan kinderen die veilig opgroeien.

Geef om mij

Kinderen die in aanraking komen met jeugdbescherming en jeugdhulp, vertellen dat ze het belangrijk vinden dat professionals echt om hen geven en dus meer doen dan ‘gewoon hun werk’.

Hou je wel rekening met mí­j?

Kinderen die te maken krijgen met een hulpverlenings- of jeugdbeschermingstraject, voelen zich daarin niet altijd voldoende gezien. Het is belangrijk voor kinderen dat ze merken dat hun vragen, behoeften en wensen ertoe doen.

In de praktijk is dat niet altijd gemakkelijk, omdat er meestal ook nog andere belangen spelen, zoals die van ouders, de wet of de hulpverlener zelf.

Rekening houden met loyaliteit

Een kind komt voort uit zijn ouders en zijn ouders zullen nu eenmaal altijd zijn ouders blijven, hoe ze die rol ook vervullen. Er wordt daarom wel gesproken van een ‘existentiële loyaliteit’ tussen ouders en kinderen.

Professionele nabijheid

Tijdens trainingen zeg ik vaak: ‘gooi je professionele afstand uit het raam!’ Want hoe kun je als kind leren hoe het werkt: dat je de moeite waard bent, dat er mensen zijn die hun best voor je willen doen, dat een kleine irritatie niet betekent dat er een ‘ontploffing’ volgt (etc.), als je dat thuis niet als vanzelfsprekend meekrijgt en als alle andere volwassenen die je tegenkomt altijd een zekere afstand houden?

Aandacht voor ‘KOPP/KOV-kinderen’

Kinderen van ouders met een psychische stoornis en/of verslaving hebben twee tot drie keer zoveel kans om te maken te krijgen met kindermishandeling dan gemiddeld. Zowel de problematiek van de ouders als de vormen van kindermishandeling die dat met zich mee kan brengen, lopen uiteraard enorm uiteen. Er is daarom niet één ‘recept’ te noemen voor wat deze kinderen nodig hebben.

Wanneer moet je het gesprek stoppen?

Veel professionals weten wel dat ze extra goed op hun gesprekstechnieken moeten letten als een kind een onthulling doet over seksueel misbruik of een ander strafbaar feit. Om een (eventueel) politieonderzoek niet in de weg te lopen, is het belangrijk dat je het verhaal van het kind niet beïnvloedt.